Glazenwasser kozijnen, en dakgoten lappen, ramenlapper kantoor, damwand reinigen. hogedruk glazenwasser. kan de glazenwasser. ook in gelderland komen lappen. actie is voor de ramenlapper nartuurlijk niet voor niks. als glazenwasser kun je altijd op hogeplekken komen. ik kom als glazenwasser ook vaak in de achterhoek. op de ladder kom ik niet maar nette glazenwassers zijn niet zo heel erg goed te vinden. ramen toch wel schoon hebben.
Vraag nu vrijblijvend een offerte aan !!!

 

 

 

 

 







 

 


    
 

 

 

 

 

 

 

 

 

    
  MOTTO:
   "Uw uitzicht onze zorg"

  
P1000 Dienstverlening
  zal rekening houden met uw
  eisen en wensen op het
  gebied van glasbewassing
  Daardoor kunt u met een
  gerust hart deze zorg aan
  ons toe vertrouwen.

  Wij begrijpen dat het
  aanzicht van uw glaswerk
  mede bepalende is voor de
  eerste indruk die uw bedrijf
  of instelling maakt.
 
  Tenslotte
:
  Een eerste indruk maak
  je maar één keer
 

Arbowet- en regelgeving

 
Alle bedrijven in Nederland die iemand in dienst hebben, moeten voldoen aan de Arbowet. Dit geldt ook voor verenigingen en stichtingen. De Arbowet bevat verplichtingen voor werkgevers om goede arbeidsomstandigheden te realiseren en ziekteverzuim te voorkomen.

Alle teksten van arbowet- en regelgeving kunt u vinden op de website van het Arbo Platform Nederland: http://www.arbo.nl/legislation.

Hier vindt u informatie over de relevante wetgeving met betrekking tot arbeidsomstandigheden. Daarnaast ook wetgeving die dicht aan ligt tegen die van arbeidsomstandigheden, zoals die over de sociale zekerheid. Van groot belang voor de Nederlandse arbowetgeving zijn ook de richtlijnen van de Europese Unie en tot slot ook de in het Engels vertaalde Nederlandse wetgeving.

 Arbowet
Volgens de Arbowet zijn werkgevers (= ondernemers met ‘werknemers’ waarmee een gezagsrelatie bestaat, waartoe b.v. ook uitzendkrachten of stagiar(e)s behoren) verplicht om een adequaat arbeidsomstandighedenbeleid te voeren. Werkgevers en werknemers dragen samen de verantwoordelijkheid voor het - systematisch - verbeteren van de arbeidsomstandigheden in het bedrijf.

 
De Arbowet zelf kent weinig concrete regels. Er staan vooral algemene bepalingen in over de uitgangspunten van het arbobeleid, verbetering van arbeidsomstandigheden als continu proces, voorlichting aan werknemers, de bedrijfshulpverlening, de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E), de ondersteuning door arbodiensten en het bevorderen van de samenwerking tussen werkgever en werknemers. De wet regelt ook het toezicht en de handhaving door de Arbeidsinspectie en het systeem van boete-oplegging.

 

Arbobesluit
Het Arbobesluit bevat wel concrete bepalingen waaraan werkgevers aandacht moeten besteden, ingedeeld naar onderwerp, zoals:

 

  • de arbozorg en de organisatie van het werk
  • de eisen waaraan de inrichting van werkplekken moet voldoen
  • voorwaarden waaronder werknemers met gevaarlijke stoffen mogen werken
  • regels voor de lichamelijke (fysieke) belasting van werknemers
  • regels voor fysische belasting van werknemers
  • eisen voor omgevingsfactoren, zoals lucht en geluid
  • voorschriften voor persoonlijke beschermingsmiddelen
  • regels voor keuringen bij risicofuncties

 

Het Arbobesluit noemt enkele doelgroepen, waaraan werkgevers apart aandacht moet besteden. Zo mogen jongeren niet zonder toezicht met gevaarlijke apparaten werken. Jongeren, thuiswerkers, zwangere werkneemsters en werkneemsters die borstvoeding geven mogen ook niet werken met gevaarlijke stoffen.

 

 

Arboregeling
Sommige onderwerpen uit het Arbobesluit worden weer verder uitgewerkt in de Arboregeling. Het gaat dan b.v. over de taken van arbodiensten of de keuring van hijskranen.

 

Andere arbovoorschriften
Naast deze regelingen bestaan er nog andere voorschriften en toelichtingen, zoals de beleidsregels arbeidsomstandighedenwet. De arbobeleidsregels geven aan hoe het vereiste beschermingsniveau bereikt kan worden, maar het zijn geen algemeen bindende voorschriften. Werkgevers mogen dus op een andere manier invulling geven aan de wettelijke voorschriften, zolang aangetoond kan worden dat het gestelde minimumbeschermingsniveau wordt bereikt.

 

 

Een groot deel van de voorschriften komt voort uit EU-verplichtingen.

 

 

Wilt u actuele informatie over de wijze waarop werkgevers en werknemers in de praktijk met de wetgeving en regels op het terrein van de arbeidsomstandigheden kunnen omgaan, dan kunt u de Arbo-informatiebladen (AI-bladen) raadplegen. Deze worden onder auspiciën van het Ministerie van SZW uitgegeven . Ze geven een praktische toelichting op de wet- en regelgeving. En tot slot bestaan er NEN-normen op het gebied van arbeidsomstandigheden, b.v. overgeluid en trillingen (zie www.nen.nl).


Wat zijn de wijzigingen in de Arbowet t.a.v. de arbodienstverlening per 1 juli 2005?

 

 

A. Arbodienstverlening / deskundige ondersteuning
Werkgevers krijgen vanaf 1 juli 2005 meer keuzemogelijkheden voor het organiseren van deskundige ondersteuning in arbodienstverlening.Iedere organisatie kan een keuze maken. Je kunt kiezen voor de zogenaamde standaardregeling of voor de maatwerkregeling. Als u kiest voor de standaardregeling dan verandert er niks ten opzichte van de huidige situatie. Want u houdt dan het bestaande contract met de huidige arbodienst, of u kiest voor een andere arbodienst. Kiest u voor de maatwerkregeling dan heeft u meer mogelijkheden. Maar er zijn wel drie voorwaarden verbonden aan deze maatwerkregeling:

1.       U mag de maatwerkregeling alleen gebruiken in overeenstemming met de OR of de personeelsvertegenwoordiging (PVT), of nadat het in de CAO mogelijk is gemaakt.

2.       U moet als organisatie bij de maatwerkregeling in elk geval een dienstverleningcontract afsluiten met een bedrijfsarts.

3.       U moet bij de maatwerkregeling de risico-inventarisatie en -evaluatie ter toetsing voorleggen aan een van de vier kerndeskundigen (veiligheidskundige, arbeidshygiënist, bedrijfsarts en arbeids- en organisatiedeskundige).

 

Als u aan deze voorwaarden voldoet kunt u er via de maatwerkregeling voor kiezen om:

  • alle deskundige arbo-ondersteuning extern in te kopen, bijvoorbeeld bij een bedrijfsarts,
  • alle deskundige arbo-ondersteuning intern te organiseren, door middel van het in dienst nemen van arbodeskundigen,
  • een combinatie van bovenstaande twee mogelijkheden, bijvoorbeeld een veiligheidskundige aanstellen en andere arbodeskundigen inhuren.

 

Ook bij de maatwerkregeling blijft de werkgever verantwoordelijk voor het zich laten bijstaan voor wat betreft de volgende vijf onderwerpen:

1.       advies over, en toetsing van de RI&E

2.       ziekteverzuimbegeleiding

3.       arbo-spreekuur

4.       periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek

5.       aanstellingskeuringen (indien dit is toegestaan)

 

Kortom: deze bijstand hoeft niet langer meer verplicht te worden afgenomen van een arbodienst, deze dienstverlening mag ook door anderen worden verleend. Daarbij moet dan wel bedacht worden dat in de Arbowetgeving een bepaling zal worden opgenomen dat de bijstand m.b.t. de RI&E bij voorkeur intern moet worden georganiseerd.

 

 

B. Aanstellen interne preventiemedewerker(s)
Een andere verandering in de Arbowetgeving komt neer op de aanstelling van een of meer interne preventiemedewerker(s). Vanaf 15 werknemer moet iedere werkgever zo'n preventiemedewerker aanwijzen, die belast wordt met preventietaken (bijvoorbeeld voorlichting geven). In de RI&E moet de organisatie aangeven hoeveel preventiemedewerkers er nodig zijn en wat ze precies moeten (gaan) doen. Bij organisaties met 15 of minder werknemers mag de werkgever zelf deze taken op zich nemen, op basis van aanwijzingen daartoe in de RI&E. In veel organisaties zal de reeds bestaande arbo-coördinator feitelijk al de rol vervullen van interne preventiemedewerker.
Een aantal vragen en antwoorden over de preventiemedewerker vindt u in onze rubriek
vraag & antwoord op deze site.

 

Om het bedrijven makkelijker te maken om een interne Arbodienst op te richten, hoeft een bedrijf niet meer alle deskundigen (bedrijfsarts, arbeidshygiënist, arbeidskundige en veiligheidskundige) in eigen huis te hebben. Het is ook mogelijk een interne Arbodienst te laten bestaan uit 1 gecertificeerde deskundige binnen het bedrijf die een samenwerkingsverband heeft met 3 deskundigen elders.

 

 

C. Toetsen van de RI&E
Met betrekking tot de toetsing van de RI&E door arbodeskundigen ontstaat er een driedeling:

  • voor bedrijven met meer dan 25 werknemers blijft alles bij het oude, zij leggen de RI&E voor aan de arbodienst of (straks) aan een arbodeskundige. Deze zullen de RI&E toetsen op basis van de voorschriften.
  • voor bedrijven tot en met 25 werknemers(*) toetst de arbodienst nu al de RI&E op een 'lichtere' wijze, mits deze bedrijven gebruik maken van een RI&E-instrument dat door werkgevers en werknemers op branche- of sectorniveau is vastgesteld. Na de wetswijziging kan zo’n bedrijf voor de RI&E-toets ook volstaan met inschakeling van een arbodeskundige.
  • voor bedrijven met 10 of minder werknemers komt na wetswijziging de toetsing geheel te vervallen, op voorwaarde dat deze bedrijven gebruik maken van een RI&E-instrument dat in de CAO is vastgelegd.

 

(*) Uitzondering: bedrijven met ten hoogste 40 uur arbeid per week moeten wel een RI&E hebben, maar die hoeft niet getoetst door een arbodienst of deskundige.

        all contents © Copyright P1000 2006, All rights reserved.